Home Dyslexie in Beeld
Methode In Beeld
Leven in Beeld
De praktijk
Contact
  Dyslexie In Beeld

Wat is dyslexie?

In het woordenboek staat: Lexie = woord en Dys betekent verstoord functioneren.

De Stichting Dyslexie Nederland definieert dyslexie als volgt:
Dyslexie is een stoornis die gekenmerkt wordt door een hardnekkig probleem met het aanleren en het accuraat en/of vlot toepassen van het lezen en/of het spellen op woordniveau.

Binnen deze brede definitie passen vele vormen en gradaties van lees-, reken-, en spellingsproblemen. Daarom wordt er ook wel over dyslexieën gesproken.

In ieder geval heeft een dyslecticus altijd problemen met:

  • De verwerking van letters, symbolen en klanken (de klank-letterkoppeling),
  • Het leren van abstracte kennis (als er geen beeld bij is),
  • Het geautomatiseerd toepassen van die kennis in schriftelijke en mondelinge taken,
  • Het tempo en de concentratie bij mondelinge en schriftelijke taken.

en daarnaast ook vaak moeite met:

  • Het automatiseren van handelingen (met mes en vork eten, leren fietsen/zwemmen),
  • Fijne motoriek (balspelen, handschrift, evenwicht),
  • Oriëntatie in tijd en ruimte (verdwalen, moeite met links en rechts, algemene onhandigheid).

Ofschoon er in de kleuterperiode ook al wel signalen kunnen zijn (zie ook de signaleringslijst verderop), komt de stoornis meestal aan het licht door lees-, spelling- en soms ook rekenproblemen in groep 3 en 4. Het lezen komt maar niet op gang. Het gebruik van letters en cijfers automatiseert niet, en de frustratie bij het kind neemt al gauw toe. Als dyslexie in de familie zit gaan de alarmbellen al gauw rinkelen.

Beelddenken of taaldenken

Beelddenken is primair denken in beelden en gebeurtenissen, niet in woorden en begrippen. Beelddenken is een natuurlijke eigenschap die we allemaal in meer of mindere mate bezitten. Dat geldt ook voor Taaldenken. De verhouding tussen Taal- en Beelddenken bepaalt of je primair een taaldenker of een beelddenker bent. Dyslectische kinderen zijn vaak meer beelddenkers dan taaldenkers. Meer op beelden gericht dan op geluiden.

Beelddenken en taal

Denken in woorden gaat niet sneller dan dat je woorden kunt denken. Er is een volgorde die bepalend is voor de betekenis en de woorden roepen de beelden op. Samen vormen ze een “film” met een begin, een midden en een eind.
Het omgaan met taal verloopt anders bij een beelddenker. Bij een beelddenker komen situaties en gebeurtenissen meteen volledig in beeld. Daardoor krijgt hij of zij misschien teveel  informatie. Of wordt eerder het geheel overzien en is er snel een oplossing. Die oplossing verwoorden en overbrengen op de ander is wel moeilijk. Er zijn soms woordvindingsproblemen en een beeld heeft niet altijd een volgorde, een begin of eind. Dat leidt tot een vaak chaotische verteltrant met veel “uh”, “dinges”,  “die” en “dat”.

Beelddenken en dyslexie

Het is zeker niet zo dat iedere beelddenker dyslexie ontwikkeld. Dat hangt af van zijn aanleg voor taal, en ook hoe de leerstof wordt aangeboden. Een beelddenker leert door te zien, te horen en te voelen. Ook is een beelddenker erg gevoelig voor de sfeer om hem heen; het pedagogisch klimaat.
Dyslexie is het gevolg van:

  • zwakke auditieve vaardigheden, kun je  klanken en klankvolgorde slecht onderscheiden,
  • moeite met automatiseren van symbolen zoals letters, cijfers en woorden dan komt de koppeling tussen de klank en het symbool moeilijk tot stand.

Voor de beelddenker komt daar nog een factor bij.
De vaak onbewuste vaardigheid om dingen in hun gedachten vanuit alle oogpunten te bekijken. We noemen dit desoriëntatie.
Desoriëntatie kan bij het leren lezen problemen geven. Letters kun je maar beter niet driedimensionaal bekijken. Sommige letters gaan dan erg op andere lijken. In het proces van aanvankelijk lezen kan zo de verkeerde klank makkelijk aan  een  verkeerd teken worden  verbonden en raakt betekenis  zoek. Onder invloed van toenemende frustratie en onzekerheid over het niet op gang komen van het lezen ontstaat meer  en meer desoriëntatie en verwarring. Zo kan zich de dyslexie ontwikkelen.

Beelddenken en klank-letterkoppeling

Omdat dyslexie een probleem is met het koppelen van klanken aan tekens, heeft het dus zowel met kijken als met luisteren te maken. Daarom is het belangrijk om enerzijds te leren om de verbeelding in banen te leiden en visueel georiënteerd aan de klank-tekenkoppeling te werken en anderzijds het luistervermogen te ontwikkelen. Met andere woorden: leren omgaan met de visuele en optimaliseren van de auditieve informatieverwerking. Wanneer een beelddenker zich met een beeld iets eigen heeft gemaakt,  zal hij dit waarschijnlijk nooit meer vergeten. Daarom is dit principe van de methode In Beeld zo belangrijk.

Hoe herken je een beelddenker?

Onderstaande lijst is bedoeld om een beeld te schetsen van beelddenken in al de facetten. De lijst is niet bedoeld als een diagnostisch instrument.

Spraakontwikkeling
0 laat beginnen met praten
0 struikelen over woorden (het denken gaat sneller dan het praten)
0  slordige articulatie

Luisteren
0 leert meer van zien dan van luisteren (voordoen werkt beter dan uitleggen)
0 reageert te snel of juist vertraagd op wat er wordt gezegd
0 moeite met begrijpen van auditieve informatie buiten de eigen belevingswereld

Taalontwikkeling
0 problemen met onthouden van rijmpjes en versjes
0 geen belangstelling voor rijmspelletjes (woordspelletjes)
0 moeite met het koppelen van woorden aan beelden (veel ‘dinges’ en ‘uh’)
0 rommelige verteltrant, moeite met de structuur van het verhaal
0 beperkte maar wel originele woordenschat
0 weinig innerlijke spraak / intern overleg ( chaotisch)

Motoriek
0 slechte fijne motoriek (bijvoorbeeld een slordig handschrift)
0 veel kleine ongelukjes, onhandigheid (bekers omstoten, met de fiets net tegen de stoeprand)
0 moeite met automatiseren van motorische vaardigheden (zoals met mes en vork eten)

Oriëntatie in tijd en ruimte
0 goed ruimtelijk inzicht, creatief.
0 weinig besef van tijd (vaak nog niet klaar, nog met iets anders bezig)
0 weinig oriëntatiegevoel (‘Zijn we al bijna thuis?’)
0 moeite met links en rechts

Persoonlijkheidsontwikkeling
0 veel fantasie, origineel, vindingrijk
0 dromerig (leeft soms in een eigen wereldje)
0 intensieve spelactiviteiten zoals rollenspel en constructiemateriaal
0 driftbuien, paniekaanvallen, scheidingsangst  (hangt samen met te weinig innerlijke spraak)
0 intuïtief veel begrijpen, veel empathie
0 gevoelig, kwetsbaar
0 korte spanningsboog
0 snel afgeleid
0 impulsief
0 rommelig
0 groot rechtvaardigheidsgevoel

Sommige kenmerken zijn leeftijdsgebonden en dus niet in iedere ontwikkelingsfase herkenbaar.

Download hier de bovenstaande signaleringslijst voor eigen gebruik.